De leesniveaus 15-18 jaar

Hier vind je een beschrijving van de zes niveaus van Lezen voor de lijst | 15-18 jaar

Belevend lezen

Eigenlijk houd je niet van lezen, maar als het dan toch moet, lees je bij voorkeur niet al te dikke (jeugd)boeken, en het liefst boeken waarin veel gebeurt. De hoofdpersonen moeten van je eigen leeftijd zijn. Jongens lezen dan graag avontuurlijke (oorlogs-) boeken, meisjes boeken over problemen. 

Herkennend lezen

Je hebt je (grootste) tegenzin om te lezen overwonnen en je leest zonder al te veel moeite elk jaar de verplichte boeken. Jeugdliteratuur spreekt je zeker nog aan, maar boeken met volwassenen in de hoofdrol vind je ook heel aanvaardbaar. Belangrijk is wel dat je je goed met de hoofdpersoon moet kunnen identificeren. En het boek moet niet al te verwarrend zijn. 

Reflecterend lezen

Je vindt lezen niet vervelend. Je interesseert je vooral voor de inhoudelijke kant van de boeken: ze moeten over psychologische of maatschappelijke onderwerpen gaan. Je ontdekt dat boeken iets vertellen over de wereld om je heen, dat ze je aan het denken zetten, je helpen om ideeën te vormen. Je vindt het ook leuk om over boeken te discussiëren. 

Interpreterend lezen

Je leest ‘echte’ volwassen boeken en je hebt ook oog voor hoe de schrijver het verhaal vertelt. De stijl en de opbouw mogen best wat ongewoon zijn, want je wilt je wel aanpassen. Je hebt geleerd om zelf een oordeel te vormen over het boek, op grond van allerlei soorten argumenten. Bovendien ben je in staat om op eigen kracht steekhoudende dingen te zeggen over thema en motieven. Wat je nog niet zo goed kunt, is overzien welke plaats het werk inneemt in het oeuvre van een schrijver of in de literatuurgeschiedenis. 

Letterkundig lezen

Je kunt complexe boeken lezen en verschillende betekenislagen in boeken onderscheiden. Je leest boeken niet meer alleen om de gebeurtenissen die zich erin afspelen, maar ook omdat ze bijvoorbeeld door anderen bijzonder gevonden worden. Je kunt niet alleen moderne, maar ook oudere werken lezen en je kunt ze plaatsen in de cultuurhistorische context, eventueel nadat ze zelf onderzoek hebt gedaan met behulp van secundaire literatuur. Je bent goed in staat om met anderen meningen en ideeën uit te wisselen over gelezen boeken. 

Academisch lezen

Literatuur is voor jou min of meer dagelijkse kost. Het is je hobby. Je gaat graag je (eigenzinnige) gang. Je legt allerlei verbanden tussen de door jou gelezen boeken en 
kennis op heel andere gebieden. Je leest ook graag boeken die tussen de regels door naar andere boeken verwijzen. Omdat je veel leest, herken je de dwarsverbanden ook. Als je docent niet zijn/haar best doet om je bij te houden, streef je hem/haar voorbij. Maar als jullie elkaar hebben gevonden in jullie gemeenschappelijke interesse, kun je veel van hem/haar leren!